Bijgaand mijn zeer persoonlijke vertelling. Je wilt niet weten hoeveel uren daarin zitten. En wat een plezier.Voor dat laatste schreef ik het dan ook vooral. Dat jochie in mezelf mocht ook gewoon eens zijn mond open doen.Tegelijk nam ik de Schrift heel serieus. Als ik spot dan is het niet dáármee maar met de burgerlijke moraal.We hebben het overal over maar niet over de grootste fysieke drijfveer in elke vrouw of man. De hele boulevardpers leeft ervan. Ik laat zien dat de Bijbel er ook wat van kan.Meer literair misschien maar evengoed…Veel plezier en vind je het niks : delete.  Warme groet, Bas

EÉN MAN MET ONGEVEER TWEE VROUWEN

I

Er was eens een man, beetje sneu type.

Deed het met schapen en geiten en hield van koken.

En van z’n moeder met wie hij dagelijks de kookrubriek uit de Libelle doornam.

Hij had één tweelingbroer.

Ze zeggen dat ie bij de geboorte met zijn knuistje het voetje van zijn broer vasthield en dat ie daarom Jakob werd genoemd, dat betekent zoiets als hielenlichter.

Uit ben je !

Zijn broer was precies het tegenovergestelde van hem.

Stevige drinker, forse uitstraling, rossige baard, schuwde geen geweld en de vrouwen vielen voor hem.

Hij heette Esau.

Jakob was eigenlijk de jongste en had daardoor minder recht op de rijkdom van hun vader.

Als die zou overlijden kwam alles wat die bezat zo’n beetje in handen van z’n stoere broer.

En die hád al zoveel…

Dat vond Jakob’s  moeder ook.

Op een keer, toen ze samen een receptje voor een soepje aan het uitproberen waren,  bedachten ze  een plannetje om zijn broer pootje te lichten.

Dat paste ook wel een beetje bij zijn naam

Jakob pikte op slinkse wijze het eerstgeboorterecht van zijn broer in

Daarna belazerde hij samen met zijn moeder  zijn blinde vader die hém de zegen gaf die eigenlijk Esau toekwam.

Begrijpelijk dat Esau des duivels was.

Die was namelijk niet gewend dat ie besodemieterd werd en  had maar één filosofie :  je nam een ander te grazen maar liet nooit jezelf de kaas van het brood eten.

Wie dat deed : kop eraf ! Z’n ouders kregen daar lucht van en riepen Jakob bij zich.

“Luister jong, je bent in alles te ver gegaan en je broer is kwaad als een dolle stier.

Je moet hier weg. Wij weten een adresje waar je je voorlopig schuil kunt houden. Bij oom Laban in Paddan-Aram. ’t Is een eind lopen maar daar ben je tenminste veilig. En nog iets :  je weet dat wij ons doodergeren aan die meiden die jouw broer altijd mee z’n tent in neemt. Ze zijn schreeuwerig, hebben zich helemaal opgeverfd en hun kleren, daar kijk je dwars door heen. We zouden zo graag zien dat jij met een net meisje thuis komt, één van ons soort ! Die zul je hier in dit moderne, wereldse land niet vinden. Misschien heeft oom Laban wel leuke dochters. Als je er er daar nu eens een uitzoekt dan kom je met haar hier terug  - je broer is dan inmiddels wel gekalmeerd en dan kun je fijn een gezin stichten.“

Jakob beloofde dat hij wel zou zien maar moest er nu eerst rap vandoor om zijn woeste broer te ontlopen.

Rebecca gaf haar zoon  Jakob nog een briefje mee  waarin zij alles aan haar broer uitlegde, dat ze die ouwe blinde met wie ze getrouwd was spuugzat was en dat zoon Esau veel te veel met zijn vader heulde, dat zij altijd onderbedeeld was  in haar huwelijk,  dat het zonde was als Esau nu al het geld zou opstrijken als zijn ouwe vader doodging maar dat nu haar lievelingetje eens aan de beurt was ;  en of haar broer maar lief wilde zijn voor haar en  hij zoon Jakob voor een tijdje onderdak wilde geven.

Want dat was zo’n lieverd, hij deed alles voor z’n moeder, echt een schat van een man, had de zondagsschool afgemaakt, en straks zou hij de rijkste man van het land zijn. Misschien kun jij meteen eens rondkijken in onze kring van mensen of er niet een geschikt meisje voor Jakob is .

Ik garandeer je dat je er dan zelf financieel ook niet minder op zult worden !

Natuurlijk, wij doen het in onze familie niet om het geld, maar het is toch mooi meegenomen.

Zo voorbereid ging Jakob op weg.

Dat betekende maandenlang sjouwen door de woestijn.

Op een enkele religieuze ervaring na beleefde hij daarin niet zoveel.

Eenmaal aangekomen op het landgoed van zijn oom werd het mannetje in deze bedrieglijke slapjanus wakker.

Zowel letterlijk als figuurlijk.

Hij zag bij een waterput een clubje herders met schapen en verdomd nog aan toe, daar liep een schitterend jong grietje bij met een eigen kuddetje schapen..

Dat zou een stuk worden , kon je zo zien.

Paar jaar verder en je hebt een prachtige meid met ravenzwart haar, pronte borsten, lekkere kont  en bewegingen als van een hinde.

Kan je zo als pin-up aan de deur van je soldaten- of studentenkamer hangen  !

Na al die nachten woestijn voelde Jakob zijn eigen kleine jongen ontwaken.

Best wel groot, voor zo’n miezerig mannetje als híj was !

Bij een natte droom op dit moment zou de Niagarawaterval verbleken !

Heel wat anders dan al dat gehannes in z’n puberjaren.

Hooguit wat ruk- en trekpartijtjes als ie opgewonden raakte van de ram die zijn ooien besprong of van de geluiden uit de tent van zijn broer.

Maar op al die naai- en breikransjes thuis en bij de kooklessen van z’n moeder was zijn janus eerder een slappeling dan een fiere krijger geworden.

Nu, bij het zien van deze verrukkelijke vrouw in wording , moest ie zich in duizend bochten wringen om zijn opwinding te verbergen.

Zij komt nu, op het heetst van de dag , om haar schapen  bij een waterput te laten drinken.

Moet ze wel die loodzware deksel van die put zien te krijgen wat haar nooit zal lukken.

Daar heb je een vent voor nodig !

Maar mannen van het boerenland doen dat niet op ’t heetst van de dag . 

Zij  gaan liggen op een schaduwrijk  plekje,  trekken  hun pet over de ogen en weg zijn ze.

Natuurlijk wierpen ze wel even een louche blik op dat meisje, net als Jakob.

Maar ze gaven hem het advies : afblijven vriend, want het is de dochter van onze baas, Laban.

 

Rachel heet ze, niet erg fantasierijke naam want het betekent schaap. 

Hoe kom je in godsnaam op zó’n naam ?

Waarschijnlijk is er bij de aangifte iets misgegaan.

Dat die ambtenaar achter het loket  aan Laban  haar steenrijke vader ,   vroeg hoe het meisje moest heten en wat hij over had voor de inschrijving in het gemeenteregister.

Laban antwoordde  : doe maar een rachel (een schaap) en omdat het een man van weinig woorden was bleef het daarbij.

Zo had de ambtenaar burgerlijke stand zijn schaap ,  en dat meisje haar naam, ook schaap.

Een ooi maar o zo mooi !

Van haar wilden die collega-herders  wel even een dekseltje aftrekken,  altijd goed voor een wilde fantasie, maar dat wás het dan ook.

Want kijk uit : stak je één poot naar haar uit  dan….stak je daarna bij wijze van spreken nóóit meer wat uit !

De baas zou je castreren en levend villen.

Maar zie, kijk nou, wie gaat er tóch op dat meissie af ?

Krijg nou wat.

Dat is die gast die hier net aan kwam lopen.

Hij loopt  langs haar heen, maakt die waterput open, stroopt z’n mouwen op en geeft al haar schaapjes te drinken, de slijmbal.

Ziet ie dan niet dat het nog een kind is ?

Wedden dat ie stiekem gaat vragen of haar poesje  ook wat vocht wil, mompelt één van de kerels onder zijn pet vandaan.

Hij heeft het nog niet gezegd of die vreemde gast loopt recht op het meisje af en kust haar.

Ze fluisteren wat samen waarna zij er als een speer vandoor gaat en de tent van haar vader induikt.

Die komt even later in alle staten naar buiten. 

Nu zal je ’t hebben.

Dit pikt Laban natuurlijk nooit.

Zijn eigen kleine meid, nog helemaal intact en dan zo’n zandloper die daar meteen begint te kussen  !

Mannen mogen dan  geen enkele moraal  hebben en altijd  hun pik achternalopen, waarbij het ze   geen moer kan schelen of het hoertje dat ze bezoeken een minderjarig grietje uit Roemenië is. 

Maar o wee als hun eigen dochter te jong aan de snoepfles zit, dan is de wereld te klein en voelen ze zich op hun pik getrapt.

Want eerst zal er eens fors onderhandeld moeten worden over de prijs.

Dochters zijn goud waard, zolang ze tenminste intact zijn.

Maar deze figuur, die hier ineens uit de woestijn opduikt, zal die prijs niet kunnen betalen, hij  ziet er niet uit alsof hij behoort tot de elite uit Libanon of Assyrië.

Echter, het onverwachte gebeurt.

Soms moet je iets gezien hebben om het te kunnen geloven.

Laban, de “witte “betekent zijn naam, zo’n superrijke blanke herenboer,  een sjieke sjeik uit het Midden Oosten rent op die vreemde jonge gast af en omhelst ‘m !

Dan moet ’t familie zijn, anders kom je nooit weg met zulk intiem gedrag.

Een maagd kussen is erger dan een gloednieuwe Rolls Royce bekrassen.

Deze meneer zal dus wel familie en een goeie partij zijn.

Dan kom je ermee weg en is iedereen binnen.

Zo gaat dat in die kringen.

En als het misgaat kunnen ze altijd nog  “ # Me too   “ schreeuwen !

Laban neemt zijn neef Jakob mee zijn tent in en stelt hem voor aan z’n familie.

Dit is de zoon van mijn lieve zus Rebecca.

Jakob kijkt rond en ziet hoe het prachtige herderinnetje de tent binnenglipt en naast haar oudere zus gaat zitten.

Die heet Lea  maar is lang niet zo mooi.

Ze heeft soepogen en een uitgezakt lijf.

Moet je  toch niet aan denken dat je daarnaast wakker wordt.

Nee, geef hem die jongste maar.

Hij ziet de wilde nachten al voor zich maar roept zichzelf meteen tot de orde.

Even aan iets anders denken want hij voelt wel erg veel leven in zijn steeds strakker zittende broek.

Nadat Jakob verteld heeft dat het voor iedereen beter was dat hij thuis even niet gezien werd én dat hij graag een vrouw zou willen vinden nodigt zijn oom hem uit de komende maand eerst maar eens bij te komen van de lange reis.

Jakob vindt dat prima en hij belooft  dat hij in die weken zijn handen flink uit de mouwen zal steken. 

Natuurlijk met maar één doel, maar dat is iets voor later.

Zijn oom raakt gecharmeerd van zijn werklust en  wil deze jongen wel wat langer op zijn erf hebben.

Of hij in de smiezen heeft dat Jakob zo vaak als hij de kans krijgt naar zijn jongste zit te loeren staat nergens beschreven.

Wel vraagt hij na die volle maand wat Jakob eigenlijk wil verdienen als hij nog langer zou blijven.

Voor Jakob is dit het moment van de waarheid, het is nu of nooit.

Vastbesloten zegt hij dat hij 7 jaar bij hem wil werken om zijn jongste dochter te krijgen.

Verdorie, denkt Laban, wéér voor die jongste.

Daar loeren alle kerels op.

Kan ie zich wel voorstellen, ze is ook mooier en sprankelender maar ik wil toch niet met die oudste blijven zitten.

Die lijkt precies op haar moeder : daar was het leven al uit na de eerste nacht samen en dát was al vrij doods.

Anderzijds : 7 jaar een gratis werkkracht is ook nooit weg.

Bovendien kan hij zijn lievelingsdochter beter aan een familielid geven dan aan één van die slampampers hier.

En dus gaat hij akkoord.

Ziet ie later wel verder.

Maar later is altijd eerder dan je denkt.

Over die zeven jaren vertelt de Bijbel niet meer dan dat  het moment ineens daar is dat ze  óm waren

Je zou denken dat Jakob de nachten afstreepte op z’n kalender maar het tegendeel was waar.

De tijd vloog voorbij.

Hij gaat naar Laban en nou moet je horen wat ie zegt.

Kan ik meteen laten zien wat bijbelvertalers met de originele teksten doen.

In de meest verschrikkelijke vertaling (Bijbel in gewone taal) staat :  “laat me nu met uw dochter trouwen “.

Daar zie je dus de limousines het terrein oprijden  en de champagne ontkurkt worden

In de gewone nieuwe vertaling ( ook erg) staat :  “Geef me nu mijn vrouw. Ik wil met haar slapen “.

In deze verbeelding strompelt Jakob doodop naar de hooiberg  en valt snurkend naast het meisje neer. 

De daaraan voorafgaande vertaling uit de vijftiger jaren heeft :

“ Geef mij mijn vrouw, want mijn tijd is om, opdat ik tot haar kome “ .

Je ziet hem  in de startblokken staan en op het eerste fluitsignaal  met geheven ponjaard op Rachel afstormen.

De meest nauwkeurige vertaling is die van Martin Buber in   Die Verdeutschung der heiligen Schrift.

Daarin staat : “Her nun mein Weib, denn meine Werktage sind voll, dass ich zu ihr eingehe “.

En de Statenvertaling   (die ik eigenlijk het liefst gebruik)  :

“Geef mijne huisvrouw, want mijne dagen zijn vervuld, dat ik tot haar inga “ .

Ik had in mijn studententijd in Kampen een buurjongen, Jan, bouwvakker en analfabeet.

Had op school altijd op de achterste bank gezeten tot er geen bank meer paste en hij mocht gaan werken.

Wij raakten wat bevriend en als hij bij me op kot was stond ie met open mond naar m’n boekenkast te kijken.

Uiteindelijk spraken we af dat ik hem éénmaal per week zou helpen met leren lezen.

Al was het alleen maar dat ie óók de verhalen kon lezen in De Lach,  het enige zgn. pornografische blaadje in die tijd.

Nu zou het een bijlage van de Margriet en haar  vijftigtintengrijze lezeressen kunnen zijn.

Op een keer kwam Jan wel op het afgesproken tijdstip , maar niet om les te krijgen.

Hij wilde afzeggen en op mijn vraag “waarom “ kreeg ik een antwoord dat ik nooit ben vergeten.

Hij zei op z’n Kampers : “ik mot neuk’n ! “ 

En toen moest ik aan Jakob denken.

Of andersom : als ik dit verhaal van Jakob lees hoor ik Jan.

Want dát is wat Jakob zegt.

Geweldig dat dit zomaar kan.

Dat scheelt een boel gelazer.

Toen mijn vader vermoedde dat mijn verloofde en ik destijds vóórechtelijk genoten dreigde hij met een gynaecologisch onderzoek.

Gevolg : maandenlang geen contact tussen hem en mij.

Heel anders in elk geval dan bij Laban : hij begreep het maar had een ander probleem.

En Jakob kwam te laat achter de oplossing die zijn a.s. schoonvader daarvoor bedacht.

Er werd een feestmaal aangericht en na afloop werd de bruid gesluierd en wel de tent binnengebracht waar Jakob op haar wachtte in duister verlangen.

Hij ging tot haar in.

De rest van de nacht laten we aan de jongelui.

Niet storen s.v. p.

En alsjeblieft : geen camera’s  !

Maar als Jakob de volgende morgen ontwaakt  en door zijn oogwimpers gluurt naar de bedgenote van de afgelopen uren, schrikt hij zich werkelijk lam : en zie : het was Lea.

(Als in Bijbelverhalen “en zie “ staat moet je extra alert zijn, dan gebeurt er wat ).

Heb je potverdorie zeven jaren keihard gewerkt voor het meisje van je dromen en dan word je wakker met een nachtmerrie.

Woest stapt hij op Laban af en noemt hem rechtstreeks een vuile bedrieger !

( Grappig is dat, mensen die zelf bedriegen herkennen altijd direct degenen die dat óók doen. De Bijbel is een leerzaam boek  ! )

Laban staat op vanachter zijn ochtendkrant en gaat recht tegenover dat jochie uit het verre Westen staan .

“Luister eens goed knaap, je mag hier dan zeven jaar wonen en inderdaad je hebt hard gewerkt, maar je hebt nog steeds niet begrepen hoe het hier bij óns soort mensen gaat.

Jouw loon zou mijn dochter zijn.

Die belofte kom ik na. Maar is jou niet bekend dat de oudste dochter in een gezin altijd het eerst wordt weggegeven als bruid ?

 Dat is nu gebeurd, daar is niks mis mee.

En als jij de tweede dochter ook zo nodig wilt, wel, ik doe je een voorstel : maak deze bruidsweek gewoon vol, breng de dagen en nachten door met Lea en daarna

geef ik je Rachel.

Maar wel op één voorwaarde : dat je hier nóg zeven jaar blijft werken. “ 

Jakob bracht die week met haar ten einde, vertaalden de dominees in de 17e eeuw in de Statenvertaling.

Je hoort de zuchten, ze lijken op die in een examenweek.

Daarna is er eindelijk Rachel.

En hij ging tot haar in.

Wederom niet storen en geen gekoekeloer.

Nu heeft hij twee vrouwen en eindelijk de titel van dit verhaal te pakken.

Alleen staat daar ook nog het woordje “ongeveer “ bij”.

Dat komt nog . 

Eerst maar eens zien hoe het met die zussen en Jakob gaat.

Als huwelijkscadeau of omdat het gebruik was kregen beide dochters nog een kamermeisje mee ook . Daar zullen we nog meer van horen.

Lea werd als eerste zwanger.

Omdat ze toentertijd heel vroom waren heette het dat God haar schoot geopend had..

Ze baarde een zoon, en nóg een, en nóg een, en nóg een. Het kon niet op. De namen waren : Ruben, Simeon, Levi en Juda.

Maar Rachel, zijn liefste, kreeg niks. Ze werd stik jaloers en viel uit tegen Jakob dat ze liever doodging dan kinderloos bleef.

Jakob werd woedend.

Daar ging hij niet over.

Al hun liefdesnachten ten spijt was het aan God om al of niet haar schoot te openen.

Zo had hij dat op catechisatie geleerd en zo dacht hij dus ook.

Kortom : hij had nog nooit zelf eens nagedacht.

Juist op dat moment kwam haar kamermeisje binnen. 

Bilha heette ze.

Nou, zei Rachel in haar wanhoop, 

-  want zonder kinderen stelde je als vrouw niks voor,-   doe het dan met haar !

Als zij dan een kind moet baren dan doet ze op mijn schoot en lijkt het net alsof ik…..

Zeg dit soort dingen niet tot Jakob want voor je ’t weet is Bilha zwanger.

Ook zij krijgt een zoon ( Dan heet ie) en omdat het goed was bevallen  kreeg ze ook nog een tweede (dat was Naftali).

Apetrots liep Rachel met de kinderwagen langs de tent van Lea

En deed net alsof ze zélf een kind had gekregen.

Zo zusje , nou jij ’s lekker jaloers !

Lea zat wat baren betreft inmiddels al weer wat jaartjes op een droogje en bedacht : wat mijn zus kan, kan ik ook.

Zij droeg haar kamermeisje Zilpa op om zich gereed te maken en beschikbaar te zijn voor Jakob. Gevolg ?    Ook zij baarde twee zoons achtereen, Gad en Aser.

Grappig is dat je ineens niet meer leest dat Jakob ingaat of zo ; hij blijkt als een soort spermadonor 

dag en nacht beschikbaar

Voor Lea zelf was de geboorte van deze twee plaatsvervangende kindjes niet genoeg.

Ze wilde zelf weer maar Jakob deed ’t niet meer.

Ze raakte er depressief van.

Haar oudste jongen begon inmiddels te puberen en had dus geregeld mot met z’n vader.

Dan huilde hij bij z’n moeder uit, die op haar beurt haar beklag deed.

Dat zijn vader  altijd maar met die andere vrouwen rotzooide, dat ie nooit meer eens bij haar kwam  en dat ze  zo vreselijk alleen was.

Ruben, want zo heette die oudste, trok zich dit aan.

Hij wist van vriendjes dat er een soort viagra te verkrijgen was.

Toen hij daar trots mee naar huis kwam betrapte Rachel hem en zei :

Geef hier dat spul, je moeder heeft kinderen zat en ik heb nog niemand.

Toen er een handgemeen ontstond sprong Lea tussen beiden en zei : Rachel, je moet je schamen, éérst pik je m’n man en nu ook nog de viagra !

Rachel liep weg, maar kon niet nalaten nog even fijntjes op te merken : veel plezier vannacht !

Jakob reageerde  fantastisch op

het hulpmiddel en Lea kreeg weer een zoon : Issaschar.

Meteen daarna baarde zij Zebulon en eindelijk een dochter Diana.

Maar omdat de viagra werkt zonder aanzien des persoons raakte ook Rachel eindelijk zwanger en zij bracht Jozef ter wereld.

Dat schijnt zoiets te betekenen als : nóg één, en dat werd dan later Benjamin maar het werd ook meteen de dood van Rachel.

Twee vrouwen en twee kamermeisjes.

Twaalf zonen en één dochter.

Als je de Bijbelverhalen verder leest, Genesis 36 b.v., dan blijken Jakob en zijn broer Ezau een eeneiige tweeling te zijn geweest.

Ook bij hem zo’n hele troep vrouwen en kinderen en uiteindelijk een heel volk : Edom, zoals Jakob staat voor Israël.

Allemaal verhalen apart.

Maar mij ging het er nu om te laten zien dat alle berichten over gebruik en misbruik, begeerte en lust, bedrog en hebzucht, macht en bezit niet van nu of toen zijn maar van alle tijden. Daarom zijn mythen en is de Bijbel zo leuk : we zien onszelf.


II

PIKANTERIEËN  UIT HUIZE JAKOB

 

Er was eens een man die had vier vrouwen, twaalf zonen en één dochter.

Het is dezelfde man die in het vorige verhaal duizenden kilometers te voet door die enorme zandbak in het Midden- Oosten banjerde,  alleen.

Hij was op de vlucht voor zijn oudere broer Esau die hij grotelijks belazerd had met maar één doel :  als eerste in het testament van zijn blinde vader genoemd  worden.

Dan kreeg ie het grootste deel van alles wat zijn vader bezat.

Ik vertelde  hoe die man, Jacob geheten,  zijn vrouwen en kinderen  bij elkaar had gerommeld.

Bewust heb ik het toen niet gehad over alle bezittingen die hij in dezelfde tijd vergaarde,  in dienst bij zijn oom Laban.

Hij was naar hem toe gevlucht uit angst voor zijn broer Esau,

Aangezien hij herder van beroep was betekende bezit  voor hem :

 vee, veel vee,  heel veel vee  !

Hij werkte bij het uitdijen van zijn kudde ook nog met veredelingstechnieken waarop ze aan de universiteit in  Wageningen  trots zouden zijn.

Temidden van al die poeha-verhalen over bezit en rijkdom en “ hebben, hebben, hebben”  ga ik op zoek naar wat pikant erotische details in de menselijke verhoudingen binnen de familie.

Want met vier vrouwen en dertien pubers zullen de tentzeilen in Huize Jakob toch best wel eens bol gestaan hebben van de spanningen.

Er werd natuurlijk niet alleen maar geherderd en gewerkt.

En de nachten zijn erg donker.

Bij het licht van olielampjes,  maan en sterren kan je geest mogelijk verlicht worden, als je wilt, maar evenzogoed roept het duister andere krachten wakker in lijf en leden.

Jakob zelf hebben we al gezien in zijn beschamende naaktheid.

Nu kijk ik eens in de jongenstent.

Hollandse nuchterheid  beweert wel dat appels niet ver van de boom vallen.

Gezien de begintijd van Jacob als rijpe puber in de tenten van zijn oom bezig de ene vrouw na de andere te versieren en te bezwangeren,  kunnen we dus van zijn pubers  ook wel wat verwachten.

Wat voor die blozende Hollanders appels zijn waren in het land van de Bijbelvertellers de druiven.

De volkswijsheid van toen luidde dan  ook : omdat hun vaders onrijpe druiven hebben gegeten zijn de tanden van de kinderen  slee ( = versleten)  geworden.

Dit gaat over oorzaak en gevolg

De meest vreselijke dingen kun je op die manier rechtvaardigen :  “komt door m’n ouders, het milieu, de school enz.  en ik zit nu met de gebakken peren .”

In één van de diepste hoofdstukken uit de Bijbel ( Jeremia 31) wordt deze  onzin ontzenuwd.

Je bent zelf verantwoordelijk voor  je daden en je weet dondersgoed wat juist of onjuist  is, daar hoef je niet eens gelovig voor te wezen.

Daar heb je ook geen Bijbel voor nodig want dat wisten ze al ver voordat

er één bijbelse letter in klei werd gedrukt !

Om het voor verteller en toehoorders een beetje makkelijk te maken gaan we die ouwe volkswijsheid iets aanpassen aan ons denken van tegenwoordig :

Kinderen zijn weliswaar zelf verantwoordelijk voor hun daden maar ze kunnen door hun ouders wél “ aangestoken “ zijn tot een bepaald gedrag.

Die opvoeding en dat milieu doen er dus wel degelijk toe maar niet als uitvlucht.

De oudste zoon van Jacob en Lea was Ruben.

“ Zie, een zoon “  betekent zijn naam.

Maar het is vooral een zoon die zelf ziet.

Hij is  de eerste,  door Jakob verwekt in de nacht waarin de bruidegom dacht dat hij zijn lieveling Rachel had ontmaagd.

Maar bij het wakker worden ontdekte hij dat het haar lelijke oudere zus  was :  En zie het was Lea.

( In het vorige verhaal gaf ik u een fantasie door over hoe het mogelijk verder is gegaan.

Ik vertel hetzelfde verhaal nóg eens maar kleed het in een wat ander jasje.

Soms leg ik de zomen van het verhaal wat uit om wat meer ruimte te hebben voor mijn verbeelding.)

Hoe onaantrekkelijk Lea dan ook was  en hoe druk haar echtgenoot ook met  forensenverkeer tussen de vier bedden in het tentenkamp van zijn schoonvader Laban, het lukte Lea toch om in zeer korte tijd vier keer zwanger van hem te worden.

In de Statenvertaling staat heel venijnig : ze werd bevrucht, het was bij de beesten af !

En Jakob bleef ook nooit.

Post coïtum smeerde hij ‘m zo snel mogelijk.

Want in feite wóónde hij bij Rachel, de vrouw naar zijn hart.

Alleen werd ze maar niet zwanger.

Al dat vrijen en ingaan en pogen te bevruchten leverde niets anders op

dan een chagerijnige Rachel.

Daardoor werd Jakob’s stemming er ook niet vrolijker op.

Zijn ontspanning zocht deze hardwerkende boer dan ook niet meer bij haar maar bij de meisjes  die ze bij hun trouwen hadden meegekregen van pa Laban.

En Lea was hij helemaal zat.

Eén keer per week ging hij nog bij haar op de thee om de gezinszaken door te nemen.

Dat werd meest al snel gezeur over de jongens die niet deden wat Lea hun opdroeg.

Dan dronk Jakob haastig z’n mok leeg, slaakte een diepe zucht en ging weg.

In gedachten grinnikte hij om zijn jongens ; zij konden het haar niet moeilijk genoeg maken.

Hij haatte dat mens.

Voor vrouwen was het destijds onmogelijk om zelf de kuierlatten te nemen en elders voldoening te vinden.

Voor liefde en genot moesten ze bij hun man zijn en kregen ze  niet waar ze naar hunkerden dan restte eenzaamheid.

Ruben, de oudste, een jochie van 13/14 jaar, zág dat.

Hij scharrelde vaak tussen de tenten en gluurde graag eens naar binnen.

Hij had zijn vader al op verschillende locaties bezig gezien.

Vooral de vrijpartijen met Bilha, de hulp van Rachel, wonden hem enorm op.

Wat een lijf had dat meisje !

Daar zou hij zelf wel eens wat mee willen.

Hij zag vader Jakob  nooit meer bij zijn moeder Lea.

Zou ze daarom zo’n kort lontje hebben en  op elke vraag “nee “ antwoorden en de hele dag maar lopen te schelden op die rotjongens, dat ze ze nooit had gewild enz. enz.

In een goeie bui bedacht Ruben een plannetje.

Van zijn vriendje Sam had ie gehoord dat er in het wild een of ander plantje groeit waar je bloedgeil van wordt.

Later noemen ze het viagra of zo, in zijn tijd heette het dudaim.

Sam glunderde nóg toen hij erover vertelde.

Als we dat nou ’s door de thee…..

Op het wekelijkse vragenuurtje van de aartsvader met zijn vrouw nummer 1, zijn first lady, vroeg Ruben heel gedienstig of hij even de thee zou inschenken.

Lea keek verwonderd maar raakte ook ontroerd.

Lang verhaal kort : Jakob lag die nacht bij haar.

En hij lag niet stil want zij baarde een zoon, Issaschar.

Hoe lang dat spul werkt weet ik niet maar ze kreeg nóg een zoon, Zebulon.

Toen dacht ze : nu heb ik er zes, nou zal hij toch wel voorgoed bij me komen wonen.

De Bijbel vermeldt alleen maar dat Lea hem  hierna één dochter schonk, Dina en dat Rachel eindelijk ook zelf een jongen ter wereld bracht, Jozef.

Jakob stortte zich geheel op zijn werk en  had tijdrovende besprekingen met zijn schoonvader.

Omdat hij terug wilde naar zijn geboortegrond moest geld en goed verrekend worden en gelet op de hebzucht van beide heren had dat nogal wat voeten in het woestijnzand.

Op de terugreis had Jakob een ontmoeting met zijn broer Esau, waarbij het diepe conflict van vroeger werd bijgelegd.

Eindelijk aangekomen in zijn thuisland wachtte Jakob het grootste verdriet van zijn leven : zijn lief, Rachel, stierf tijdens de bevalling van haar 2e kind : Benjamin.

En dan ineens is daar Ruben weer, Zie, een zoon, zo heette hij toch ?

In één zinnetje tekent de bijbelschrijver het uit  (Gen.35 : 22) :

hij lag bij Bilha, de bijvrouw van zijn vader.

Ruben had haar al meerdere keren begluurd.

Nu was ze zonder meesteres, alleen.

En Ruben slaat toe , al zal hij zelf wel zeggen dat het goed bedoeld was.

Dat hij het had gedaan om haar verdriet te verzachten en zo.

Dit is het soort  troost waarover je verhalen in de krant aantreft.

Jakob hoort er van ( tenten zijn geluidsdragers) maar doet niks.

Pas op zijn sterfbed, als hij zijn testament voorleest, lucht hij zijn hart :

“ jij zult de belangrijkste niet zijn, Ruben, want je hebt me beledigd door met één van mijn vrouwen te slapen  “, zegt de Bijbel in Gewone Taal.

Geef mij de Statenvertaling dan maar : “Jij zult de voortreffelijkste niet zijn want je hebt je vaders leger beklommen, je hebt geschonden, je hebt mijn bed beklommen “ .

Dit is mitrailleurvuur vergeleken  bij  gewone taal.

Opnieuw is de bedrieger (de pootje lichter heette hij toch ? ) bedrogen.

Jakob zelf nam zijn vader en broer te grazen en Laban had hém tuk

en nu is het zijn eigen eerstgeborene die hem een poets bakt

De cirkel  is rond nu Jakob  vlak voor zijn dood de laatste tik uitdeelt.

 

De twaalf zoons van Jakob hadden één zus, Dina.

Ze was het zevende kind van Lea.

Die had nog zo gehoopt dat, nu er ook een dochtertje rondhuppelde, vader Jakob wat meer thuis zou zijn en gezelligheid zou brengen maar we weten inmiddels dat pa b.b.h.h. was  (bezigheden buitenshuis hebbende).

Nou ja, buitenshuis ?

Het speelde zich allemaal af binnen zijn eigen tentenkamp.

Dan ging er hier en dan weer daar een ritsje open en dicht.

Daar tussendoor huppelde dat meisje, oogappel van haar vader.

Ook toen ze ging puberen en geregeld “ui “ wilde legde hij haar geen strobreed in de weg.

Ook door haar twaalf broers  werd ze op handen gedragen .

Wie aan Dina kwam , kwam aan hen.

En dat heeft ene prins Sichem geweten.

Dat komt zo :

Dina ging met een clubje vriendinnetjes shoppen.

Zij was een prachtige verschijning, eigenlijk wel de mooiste van de groep.

Je kon aan haar zien dat ze uit een rijke familie kwam.

Schitterende sieraden om haar armen, flonkerende ringen aan haar vingers, kunstig gemaakte oorbellen, een zijden jurk meteen diep decolleté , waarin haar jonge meisjesborsten net iets groter leken dan ze in werkelijkheid waren, pumps die haar langer deden lijken dan ze was en supergeraffineerd opgemaakt ,waarmee ze haar kinderlijk gezichtje camoufleerde.

In de beroemdste snackbar van het stadje, de Herder King,

namen ze altijd een drankje.

Net toen ze aan groot glas fris zaten te lurken kwam daar een groepje opgeschoten jongens binnen.

Middelpunt van hen was een wat poenerig figuur die duidelijk de baas speelde.

Hij maakte door zijn opvallende verschijning en dure kleren grote indruk op de groep meisjes.

Toen hij een speciaal knipoogje aan Dina gaf, bloosde ze van oor tot oor.

Ze vroeg aan haar vriendinnetjes wie dat eigenlijk was.

Joh, ken je die niet, dat is de zoon van onze koning Hemor.

Sichem heet hij , prins Sichem.

Kijk maar uit voor hem want hij heeft zo’n beetje alle meisjes hier al gedaan.

’t Is een enorme gladjanus.

Hij wil maar één ding : met je naar bed, daarna laat ie je vallen als een baksteen.

Nu had Dina wel eens wat verhalen van haar broers gehoord, dat waren ook geen lieverdjes, dus ze wist wel een beetje waar het allemaal om draaide.

Daardoor had ze ook zelf  best wel eens fantasietjes gehad maar in het echt had ze nog nooit iets meegemaakt.

Kwam ook door haar broers die haar in de gaten hielden.

Niet direct omdat ze zoveel om haar gaven maar omdat die jongens wisten

dat ze goud waard was.

Als zij het,  voordat ze met iemand trouwde,  nog met niemand gedaan had

kon haar familie een groot bedrag eisen als bruidsschat ( want zo noemden ze zo’n afkoopsom indertijd).

Een meisje werd in die tijd dus gewoon voor goed geld verkocht maar dan moest ze wel maagd zijn.

Hele toestanden waren dat.

Als een bruid  voor ’t eerst   met haar verse man naar bed ging moest na afloop bewezen worden dat ze nog maagd geweest was.

Dan moest het laken waarop ze het gedaan hadden aan de familie van de man getoond worden.

Daar moesten dan bloedvlekken op zitten die bewezen dat ze ter plekke ontmaagd was.

Daarna kon het geld overgemaakt worden door de vader van de bruidegom.

Haar broers gunden hun vader ( en daarmee zichzelf) deze flinke koopsom maar al te graag.

En dus hielden ze haar goed in de gaten, beschermen heette dat.

Maar ja, haar broers waren er niet bij toen ze met haar vriendinnenclubje

In de Herder King zat. en dat had de prins ook in de gaten.

Prinsen hebben hier een neus voor, dat zou de geschiedenis bewijzen.

Prins Sichem liet er geen gras over groeien en plukte Dina uit de groep.

Hij nam haar mee naar z’n kamer, gooide haar op zijn bed en verkrachtte haar.

Het staat er rechttoe, rechtaan, in  alle Bijbelvertalingen .

Daarna staat geschreven  dat zijn ziel aan haar hing,  dat hij allemaal lieve woordjes tegen haar zei, zoals : ik vind je zo mooi, ik houd van je en nog zo wat.

Beetje vreemde volgorde, Sichem.

Normaal is toch dat je een beetje opbouwt, leuke blouse heb je aan, wat zit je haar leuk, bijzondere ogen heb je, wat doe je in je vrije tijd, mag je thuis vriendjes ontvangen  enz. enz.

De weg naar het bed is eigenlijk behoorlijk lang, volgens de etiketteboekjes.

Maar Sichem is nog niet klaar met zijn wrede liefdesdaad en het uiten van lieve woordjes of hij begint over trouwen, zo maar even tussen de middag, vlak na de lunch.

Hamvraag is dan toch : wie stinkt hierin ?

Dina ?

Had ze erom gevraagd, zoals prins Sichem na afloop zei, omdat ze zich zo enorm had opgetut ?

Was ze naïef en dacht ze dat haar vader wel blij zou zijn met die prins als goeie partij, zoals ze dat toen noemden ?

Het enige  wat van haar namelijk vermeld wordt is dat ze het meteen bij thuiskomst, dezelfde middag nog,  aan haar vader vertelde.

Zou ze dat ook gedaan hebben als ze de gevolgen had overzien ?

Van enkele vriendinnetjes had ze wel ’s iets gehoord over geheime afspraakjes en zo .

Zij was dan altijd degene die zei : dat zou ik nooit doen, mijn papa en ik zijn zo vertrouwd met elkaar, ik zou het hem direct vertellen.

Wat dat betreft hield ze voet bij stuk.

Goed, Sichem was wat ruw geweest en het deed best even zeer, maar hij was daarna toch heel schattig en hij zei dat ie met me wilde trouwen.

Hij heeft het zelfs meteen aan zijn vader , koning Hemor, verteld en ik heb gehoord dat die nú al onderweg is naar u toe.

Hij wil de bruiloft tussen zijn zoon en mij met u bespreken.

Toen Jakob hoorde wat Dina hem vertelde sloeg hij helemaal dicht.

Hij had zelf destijds zeven jaar moeten wachten op de vrouw die hij aanbad en deze vlegel pakt tussen de middag eventjes zijn dochter, misbruikt haar op een afschuwelijke manier en laat nu door zijn vader komen vertellen dat  ie zo ontzettend veel van zijn dochter houdt.

Mijn lieve, kleine Dinaatje !

Zo’n prachtige meid, onschuldig, kwetsbaar en lief.

Daar moet die Sichem met zijn gore poten vanaf blijven  !

Dan mag die jongen honderd keer prins zijn en zijn vader duizendmaal koning, het is een gore verkrachter .

Laat de jongens het niet horen want dan zwaait er wat !

Die zijn nu nog allemaal op hun werk maar vanavond…..

Jakob vreesde vooral de agressie van Levi en Simeon, dat waren twee vechtersbazen waar de hele buurt bang van was.

Hoe houd ik die in toom, zo liep hij te piekeren.

Hij kreeg geen tijd om dit uit te denken want daar verscheen koning Hemor al .

Of ie even met Jakob kon spreken.

Dat is al heel wat of een koning vraagt of hij jóú even kan spreken.

Meestal is het andersom en dan geven de hoge heren niet thuis.

Maar deze koning stond gewoon bij hem op de stoep.

Niet eens met een legertje advocaten, nou dan was wel zonneklaar  bij wie de schuld lag en dat het ook geen enkele zin had Dina ook maar een beetje  schuld in haar pumps te schuiven, zo van : ze vroeg erom, hebt u gezien hoe ze gekleed was en meer van die banale uitvluchten.

De koning  had kennelijk stevig geluncht met een goed flesje erbij want hij lalde het ene stomme excuus na het ander : sorry, dit had niet moeten gebeuren, jonge kerels hè, wilde haren, wij zijn ook jong geweest ( moet je juist tegen Jakob zeggen), weten nog niet precies wat ze doen, verstandig regelen, en…nou , bedenk er zelf ook maar wat.

Terwijl Jakob naar dit gezwam zit te luisteren  - hij heeft zelf nog steeds geen stom woord gezegd – stuiven de broers één voor een binnen.

Woest zijn ze.

Op hun werk  was ineens enorm gesmoesd.

Dat was na het moment dat er een gerucht rondzoemde.

Het kwam binnen als een motvlieg, fluistert wat in het oor van de koffiejuffrouw.

Die  deelt de informatie als koekje bij koffie uit  en plots hoor jij het : vanmiddag hele consternatie, de prins heeft een grietje gepakt, dat mooie stuk van de familie Jakob, zijn zusje.

En zo hoorde de ene broer na de ander dit vreselijke nieuws.

Ze scheuren naar huis en daar zien ze de hele stoet van de vader van die schurk voor vaders tent staan.

Daar heb je koning Hemor, zie ‘m zitten met dat vervloekte zoontje van hem,

die verwaande kwast.

Het liefst zouden ze hem castreren en omgekeerd aan de hoogste balk hangen , naast de geslachte kippen, en zo leeg laten bloeden.

Maar hun vader verbiedt elke gewelddadige actie , ook omdat ze dan de hele stad op hun nek zullen krijgen.

Dan schreeuwen ze het uit dat dit een schande is, dan hun lieve, onschuldige zusje bruut verkracht is, dat dit niet kan, dat je zó een meisje van haar eer berooft, dat doet men niet, schande, nogmaals.

Als hun eerste woede is bekoeld wordt aan koning en prins gevraagd wat zij hierop te zeggen hebben.

Nogmaals de koning : “  ja, sorry hoor, dit had nooit mogen gebeuren zo’n brute behandeling van uw keurig opgevoede dochter , maar ja, Sichem is tot over zijn oren zielsverliefd op jullie zus, hij had niets kwaads in de zin,  laat ze in vredesnaam met elkaar trouwen. Dan worden we allemaal familie, kunnen onze kinderen met elkaar trouwen en doen we onze bezittingen bij elkaar.”

Tot ieders verbazing  stond de prins ineens op en ging voor zijn vader op de

knieën liggen.

Wat die toen voor riedel weggaf, je gelooft je oren niet . Hij begon ook met duizendmaal sorry, dat ie echt van het meisje hield en graag met haar wilde trouwen en of zijn vader de bruidsschat  zou willen verdubbelen.”

De broers hadden hun buik allang vol van dit toneelstukje en moesten er haast van kotsen.

Tegelijk wisten ze dat ze diplomatiek moesten reageren om geen onrust in de gemeenschap te stichten.

Het is het soort diplomatie die later in de geschiedenis haar nut heeft bewezen:  je maakt allerlei mooie afspraken om het onheil op een bepaald moment te voorkomen om láter, als je beter bent voorbereid, des te harder toe te slaan.

De broers geven elkaar een veelbetekenend seintje  en zeggen dat ze zich even willen terugtrekken om te overleggen.

Levi en Simeon willen maar één ding : dood aan die gast en zijn hele clan.

Eigenlijk is iedereen het daar wel mee eens maar ze moeten het wel voorzichtig aanpakken.

En laat in godsnaam hun eigen vader niet merken wat ze van plan zijn want dát is zo’n schijtlaars.

Met uitgestreken gezichten komen ze weer terug bij vader Jakob en zijn gasten.

Levi en Simeon doen het woord.

Levi studeert  en weet precies  hoe je heldere afspraken moet maken en hoe je die moet verwoorden en op kleitabletjes moet vastleggen.

Het klinkt allemaal heel betrouwbaar en koning en prins tuinen er met open ogen in.

Dat soort heren houdt  immers van afspraken op papier, waar ze zich vervolgens alleen aan houden als het hun uitkomt.

Levi vraagt zijn broer Simeon om hem te helpen de kleitabletten te bakken en in te kerven.

Als iedereen hiermee akkoord gaat  komen de broers vervolgens met een verrassend voorstel .

Verrassend omdat het inhoudelijk niets met de vraagprijs en uitruil van bezittingen te maken heeft.

Hoor maar : kijk vriend, jij hebt het nu met onze zuster gedaan en dat is schandelijk maar het allerergste is eigenlijk dat je het hebt gedaan met een onbesneden piemel.

Bij ons is het gewoonte dat bij de pasgeboren jongetjes het allervoorste stukje vel, dat over de eikel heen schuift, wordt weggesneden .

Dat gaat met één haal van een vlijmscherp mes.

Dat wordt enkele dagen na de geboorte gedaan, zodat het jongetje er later geen herinnering aan heeft.

Voor volwassenen zal het wel pijnlijk zijn maar als jullie je leefgemeenschap met de onze wil mengen, zodat jullie ook onze meisjes kunnen nemen, dan eisen we dat niet alleen jij, de prins, maar alle mannen uit de stad dit laten doen.

Koning en prins gaan meteen akkoord.

Alles is goed als het maar gelazer voorkomt over de verkrachting door de prins.

Zij halen met koninklijk gezag alle mannen van de stad   over om zich te laten besnijden.

Hun wordt een enorme uitbreiding van hun bezit beloofd en uiteraard veel nieuw vrouwvolk.

Nou, ze staan er voor in de rij !

Op één dag worden alle manlijke inwoners besneden en reken erop dat dit voor een volwassen kerel een ándere ervaring is dan voor zo’n babyhummeltje van een week.

Niet voor niks staat er dan ook in de echte Bijbelvertalingen :

en het geschiedde ten derde dage, (dat is dé standaarduitdrukking in de Bijbel

voor : nou moet je opletten, hier draait het verhaal om.)  En het geschiedde ten derde dage, toen zij in de smart waren  (en niet zoals in die klungelbijbel : twee dagen later hadden de mannen nog heel veel pijn ; het mankeert er nog maar aan dat in de vertaling niet wordt toegevoegd  “ach joh, neem een paracetamolletje en blijf nog een dagje in bed !….” )

En wat geschiedde er dan ?

Simeon en Levi, die samen het contract hadden opgesteld en daarmee makkelijk de stadspoort en de paleiswacht konden passeren op weg naar de koning , trokken ineens hun zwaard en  alle manlijke inwoners (die nog ziekjes op bed lagen en zich niet konden verweren)  worden door hen afgemaakt en ze nemen Dina mee.

Daarna komen de andere broers  en die plunderen de hele stad leeg,

Ze roven alles-, vrouwen en kinderen incluis.

Gewoon oorlogsbuit zoals tot ver in de 21e eeuw geschiedt.

Als Jakob hoort van deze slachtpartij is  hij er zacht gezegd niet blij mee.

Hij roept de jongens en dan met name Levi en Simeon op het matje en zegt :

“Dit gaat de naam van Huize Jakob natuurlijk geen goed doen.

Hoe zullen anderen in deze buurt reageren ?

Als zij hun krachten bundelen en ons gaan aanvallen dan zijn we nergens.

Dan pakken ze mij en jullie allemaal. “

Stomverbaasd kijken Simeon en Levi elkaar aan.

Wat een slap gelul.

Je kunt merken dat ie oud wordt.

’t Enige wat ze kunnen uitbrengen is :

Je laat je dochter toch niet als een hoer behandelen  ?!

En daarmee eindigt deze dramatische geschiedenis.

 (De Bijbel geeft nog één tikkie na : als Jakob op zijn sterfbed ligt en zijn zoons één voor één zegent, maakt hij een uitzondering voor Levi en Simeon.

Die roept hij beiden tegelijk bij zijn bed en wat je niet vanaf een laatste sponde zou verwachten, gebeurt dan : hij scheldt ze de huid vol, kan geen enkele waardering voor ze opbrengen  en onterft ze ; zij zullen geen eigen stukje land bezitten. )

 

De betiteling  “hoer “ , die in de slotzin van het verhaal viel is  meteen een mooi bruggetje naar het laatste deel van dit verhaal over kinderen uit Huize Jakob.

Het gaat over Juda, de vierde zoon van Lea en Jakob.

We schuiven een eindje op in de tijd.

Juda is een volwassen man geworden en weggetrokken uit het tentenkamp van z’n vader.

Hij trekt in bij een vriend, Hira geheten,   en samen drijven zij een aanzienlijke schapenkudde.

Op één van hun stapavondjes krijgt Juda contact met een mooie meid.

Ze heet Sua en ze vindt die woest uitziende schapenman wel interessant.

Ze praten wat en drinken wat en van ’t een komt  zoals zo vaak, van uitgaan komt gauw ingaan (in hun betekenis van het woord ) en Sua raakt zwanger.

Ze krijgen een zoon ER,  (net als die uit “ DALLAS “ maar deze is zonder puntjes ) daarna nóg een zoon ONAN en dan nog een : SELA.

Je ziet, de verteller heeft haast want hij wil naar een bepaalde scene toe.

Komt goed uit want daar wil ik ook heen.

De zonen van Juda worden groot en als de oudste een jaar of vijftien is zoekt Juda een vrouw voor hem uit.

Tamar heet ze;  zij  was nog maar net bij ER ingetrokken of hij stierf.

Hij leek wat op oom Levi en is in de criminele wereld ten onder gegaan.

Nu hadden ze in die tijd een heel wonderlijk gebruik.

Als een jonge getrouwde man stierf en zijn vrouw had nog geen kinderen, dan moest de broer van die man bij die vrouw een kind verwekken.

Het ging puur en alleen om het sperma van deze man en nergens anders om.

Geen liefdesverhouding of zo maar alles ten dienste van de overleden broer.

Net alsof het zaad van hém was.

Dat heet een leviraatshuwelijk en dat is bij wet geregeld.

Stel je dit eens voor : kom je bij je schoonzus op condoleance, geeft haar een hand of drie kussen en bij het weggaan zeg je : wanneer zullen we  ?

Ik ken uit mijn werk  de meest wonderlijke vormen van troost die aan jonge weduwen is aangeboden (ook deze ) , maar dat het bij wet geregeld is, nee.

Onan was degene die ervoor in aanmerking kwam en laten we eerlijk wezen : hij was een liefhebber !

Anders hadden we  na duizenden jaren zijn naam niet meer op onze lippen.

Hij liet nergens gras over groeien en zocht Tamar op.

Mooie meid, gratis en voor niks.

Dat wordt lol hebben de komende tijd.

Want Onan had een plannetje bedacht.

Vond ie van zichzelf nogal slim.

Telkens als hij het met Tamar deed ging hij door tot vlak voor het moment waarop hij klaar zou komen en trok zich dan terug en spoot het zaad op de grond.

Ik laat even de taal van de 17 e eeuw horen en je moet er de stem van Jan Wolkers b.v. bij denken : 

“zo geschiedde het toen hij tot zijns broeders huisvrouw inging, dat hij het zaad verdierf tegen de aarde, om zijnen broeder geen zaad te geven. “

Deftig gezegd heet dit coitus interruptus maar het is gewoon 

“vóór het zingen de kerk uit “.

Net alsof Onan en Tamar hand in hand vol enthousiasme naar de kerk gingen om daar een schitterend gezang aan te heffen,  Hoe zal ik u ontvangen of zo .  Ze  genieten van het voorspel van het orgel en net als iedereen gaat staan om uit volle borst te gaan zingen, laat Onan de hand van Tamar los en rent  naar buiten.

Onan vond het een slim plan , temeer omdat het werkte en Tamar maar steeds niet zwanger raakte.

Wij weten dat hij  natuurlijk  gewoon mazzel heeft gehad.

Als deze methode  (coïtus interruptus) honderd procent had gewerkt waren we op deze wereld vast met meer dan de helft minder mensen geweest !

Dus helemaal niet efficiënt.

Onan werd trouwens ook  slachtoffer van dezelfde criminele wereld als die van zijn oudere broer en ook hij stierf.

Daar zát Tamar, jonge meid nog, en al twee keer weduwe.

De “ beurt “ was volgens de wet nu aan nummer drie, Sela,  

maar die was nog veel te jong.

Op een middag schuifelde de toekomstige opa Juda eens bij haar de tent binnen

Hij wilde wat  bespreken.

Of het niet beter was dat ze weer thuis ging wonen, bij haar eigen vader.

Als ze dáár nou ’s zou wachten tot Sela volwassen was.

Eigenlijk vond ze dat zelf ook wel een goed plan

Zo gezegd zo gedaan, Tamar keerde terug naar haar geboortehuis.

Haar restte niets anders dan te wachten.

Dit duurde jaren.

Haar biologische klokje tikte door maar geen Sela.

Wel hoorde ze dat Sela’s moeder, mevrouw Juda,  was overleden.

Ze was niet op de begrafenis uitgenodigd , wat voor haar betekende dat zowel Juda als zijn zoon helemaal niet meer  aan haar dachten.

 ’t Beroerde voor háár was  dat zij niks met een nieuw vriendje kon beginnen

want zij was wettelijk verbonden aan Sela.

Hij moest met zijn zaad, zaad uit Huize Juda , bij Tamar een kind

Verwekken ,namens zijn broer Er.

 

Schoonvader Juda had inmiddels een heel ander probleem nu zijn vrouw er niet meer was.

Hij zocht troost, in zijn geval een vrouw.

Nu is het woord “probleem “ wel zwaar aangezet, want op dit gebied van in – en uitgaan zal ik maar zeggen, hadden ze bij hem in de familie de oplossingen vaak eerder dan dat het probleem was benoemd

Na een aantal dagen van rouw zocht hij,

samen met zijn ouwe vriend Hira,  die troost bij  de hoeren .

Toen Tamar hiervan hoorde dacht zij : of ik dat zaad nou van vader of zoon krijg maakt mij niet uit , áls het maar uit Huize Juda is !

Het ging om de merknaam, niet om de leverancier.

En dus verzon ze een list en  ging ze de hoer spelen.

Ze hoorde dat haar schoonvader en zijn makker naar de veemarkt gingen.

Vaste prik dat ze dan ook langs de seksclub  Enaim kwamen.

Tamar hing haar zwarte jurk in de kast,   leuk rokje aan en een wat uitdagende blouse en een sluier om het hoofd.

Dat deden ze allemaal want de meesten wilden niet herkend worden.

Die moesten ’s avonds ook weer naar man en kinderen.

Even een grapje tussendoor : kardinaal Alfrink en bisschop Gijssen waren op een bloedhete dag met de auto op weg naar Zwolle voor een conferentie. Op de Veluwe zagen ze een meertje en de kardinaal stelde voor even een duik te nemen. Gijssen voelde daar weinig voor omdat hij geen badkleding bij zich had. Maar omdat er geen mens te bekennen viel kon Alfrink hem overhalen om even in Adamskostuum een duik te nemen.

Net toen ze in het water waren stopte er een bus  met  het R.K Vrouwengilde “Maagden voor Jezus  “ vlakbij hun auto. Gijssen raakte helemaal in paniek maar Alfrink stelde hem gerust. We doen gewoon onze handdoek om die daar aan de rand bij het water ligt en hollen naar onze auto. Daar eenmaal aangekomen zag Gijssen dat de kardinaal zijn handdoek om zijn hoofd gebonden had.Op zijn vraag “waarom “ grapte de kardinaal : ik weet niet hoe met jou is, maar mijn kóp kennen ze beter.

 

Hoofdbedekking werkt dus al eeuwen.

Toen Juda haar zag vroeg ie meteen wat “het “ kostte.

Ze werden het eens over de prijs, een geitenbokje, maar ja, dat had ie natuurlijk niet bij zich.

Hij gaf  z’n ring en staf als onderpand  “en ging tot haar in 

en zij werd zwanger van hem  “, meteen raak dus.

Over de kwaliteit van het zaad uit Huize Juda mocht je niet klagen.

Daarna stond Tamar op, gauw naar huis, sluier af, hoerenkleedjes in de vuilnisbak en de zwarte jurk weer aan.

De volgende dag vroeg Juda  aan z’n ouwe vriend Hira of die misschien iets voor hem wilde doen.

Die hoer bij wie hij gisteren was heeft nog een geitenbokje tegoed.

Had hij gisteren uiteraard niet bij zich.

Toen heeft ie zijn staf en zegelring in onderpand gegeven.

Voor Hira geen enkel probleem om dit om te ruilen.

Juda omschreef hoe ze er uitzag en Hira op stap.

Maar niemand daar kende een vrouw die er zo had uitgezien als Hira beschreef.

Hij voelde zich behoorlijk lullig , daar met dat bokje in de salon van het bordeel.

Op een gegeven moment zei hij : ach hou dat beest maar hier, als iemand zich meldt dan geef je het maar.

Maar zo’n verhaal wordt niet verteld om het als een nachtkaars in een hoerentent te laten doven.

Vandaar dit korte “happy end  “  : na enkele maanden  fluistert men : Tamar is zwanger, en zie (!)  : ze heeft voor hoer gespeeld.

Dat zijn nog eens geruchten!

Dat sijpelt op dezelfde dag nog onder het tentdoek van Juda door.

Woest wordt ie want Tamar moet immers nageslacht krijgen uit zaad van Huize Juda,  niet van een hoerenloper.

Op de brandstapel met die vieze, vuile, gore….Net toen dit vonnis voltrokken zou worden, duwde iemand Juda een pakketje in handen, of die dat meteen wilde openen en of hij de inhoud herkende.

Tja, toen werd hem alles duidelijk.

Hij erkende  de verwekker te zijn en liet Tamar verder los.

Zij bracht een tweeling ter wereld en ook hier was weer gedoe over wie nu eigenlijk de eerstgeborene was.

Bij de geboorte kwam eerst het handje van Zera, waaromheen een rood draadje werd gebonden.

Toen trok die hand zich terug en kwam  Perez  als eerste.

 

Slotzinnetje van dit verhaal : in het geslachtsregister van Jezus van Nazareth in Mattheüs 1 staan de namen van Izaäk , Jakob, Juda en Perez en zelfs van Tamar exact vermeld.

Het zijn volgens de theoloog Mattheus dus voorouders van Jezus.

Natuurlijk niet in biologische zin.

Voor biologie moet je andere boeken lezen.

Maar in theologische zin is Jezus dus gewoon één van hen.

En van ons,  kun je ook zeggen, want deze verhalen hangen ook om ons heen.

En daarom vertel ik ze graag door.